Saldering
Salderingsregeling twee aansluitingen 2027: gevolgen

Bij een twee-onder-een-kapwoning met gescheiden EAN-codes bij verschillende energieleveranciers saldeert per 1 januari 2027 geen van beide aansluitingen meer: de salderingsregeling stopt volledig en in één keer op die datum, vastgelegd in de Wet beëindiging salderingsregeling die de Eerste Kamer op 17 december 2024 aannam.
Korte samenvatting
- Per 1 januari 2027 stopt de salderingsregeling volledig: geen afbouwschema, geen jaarlijkse percentages.
- Bij één omvormer op EAN 1 saldeert uitsluitend EAN 1 vóór 2027; EAN 2 heeft nooit salderingsrecht gehad.
- Na 2027 ontvangt EAN 1 een terugleververgoeding van €0,04–0,09/kWh, terwijl EAN 2 diezelfde stroom inkoopt voor €0,28–0,32/kWh.
- Een slimme verdeelinrichting kost €800–€2.200 en verdient zichzelf in 3–9 jaar terug bij correct gebruik.
Hoe werkt de salderingsregeling twee aansluitingen verschillende energieleveranciers vóór 2027?
De netbeheerder meet teruglevering per EAN-code. Een EAN-code is het unieke adres van uw elektriciteitsaansluiting: heeft uw twee-onder-een-kapwoning twee aparte aansluitingen, dan zijn er twee aparte EAN-codes, ook al wonen beide woningdelen fysiek onder hetzelfde dak. De energieleverancier van elke aansluiting is daarbij irrelevant voor de netbeheerder; die registreert slechts wat de meter bij elke EAN-code doet.
Staat er één omvormer op het gedeelde dak en is die aangesloten op EAN 1, dan draait uitsluitend de meter van EAN 1 terug wanneer de panelen meer produceren dan EAN 1 op dat moment verbruikt. EAN 2 ziet van die productie niets, tenzij er intern een kabelverbinding is aangelegd die de stroom van EAN 1 naar EAN 2 doorsluist. Dat laatste is technisch mogelijk maar vereist een bewuste installatiekeuze en toestemming van de netbeheerder. In de praktijk ontbreekt zo’n verbinding bij de meeste twee-onder-een-kapwoningen uit de jaren zeventig en tachtig.
Voor de salderingsregeling betekent dit: vóór 1 januari 2027 saldeert EAN 1 via zijn energieleverancier (stel: Vattenfall) de teruggeleide stroom volledig tegen de afnameprijs. EAN 2 bij een andere leverancier (stel: Greenchoice) doet dat simpelweg niet, want die aansluiting is niet als productie-installatie geregistreerd. Daarmee is de ongelijkheid al vóór 2027 structureel aanwezig, alleen is die nog niet zichtbaar zolang de salderingsregeling de terugleverwaarde hoog houdt. Meer achtergrond over hoe saldering werkt bij woningen met meerdere aansluitingen leest u in ons artikel over de salderingsregeling twee meters één adres 2027.
Wat verandert er op 1 januari 2027 voor twee aansluitingen bij verschillende energieleveranciers?
Op 1 januari 2027 stopt de salderingsregeling volledig. Er is geen geleidelijke afbouw, geen jaarlijks dalend percentage. Wat die dag verandert voor EAN 1: de leverancier verrekent teruggeleverde stroom niet langer tegen de volledige afnameprijs, maar betaalt uitsluitend een terugleververgoeding. In 2025–2026 liggen die vergoedingen bij de grote leveranciers grofweg tussen €0,04 en €0,09 per kWh, afhankelijk van het contracttype. Vattenfall hanteert op vaste contracten soms €0,05/kWh, terwijl Greenchoice op hetzelfde moment €0,07/kWh vergoedt. Bij dynamische contracten fluctueert dit dagelijks, aldus gegevens die de Autoriteit Consument & Markt (ACM) bijhoudt, maar waarvoor geen wettelijk minimumtarief geldt.
EAN 2 verandert per 1 januari 2027 niets aan zijn formele situatie: die had al geen salderingsrecht. Maar de financiële consequentie voor bewoner B wordt nu pas zichtbaar. Vóór 2027 kon bewoner A de stroom die hij niet zelf gebruikte nog waardevol terugleveren; vanaf 2027 ontvangt hij daarvoor nog maar een fractie. Bewoner B koopt die stroom ondertussen in voor €0,28–0,32 per kWh. Dat tariefverschil, eerder deels gedekt door de hoge salderingswaarde, sijpelt nu volledig door als structureel inkomensverlies voor EAN 1 en een gemiste besparing voor EAN 2.
Verschillen tussen leveranciers worden na 2027 financieel veel relevanter. Bij 2.000 kWh teruglevering per jaar scheelt een verschil van €0,02/kWh al €40 per jaar. Vergelijk de opties via ons overzicht van de terugleververgoeding 2027: vast of dynamisch.
Hoe registreert de netbeheerder de teruglevering bij gescheiden aansluitingen?
De kernregel is uniform bij alle Nederlandse netbeheerders: iedere EAN-code is een zelfstandige aansluiting, en teruglevering wordt per EAN geregistreerd. Intern verbruik van bewoner B via zijn eigen meter is voor het net volledig onzichtbaar. Wat bewoner B overdag thuis verbruikt terwijl bewoner A’s panelen volop produceren, telt in de ogen van de netbeheerder niet als eigenverbruik van EAN 1 — tenzij die stroom fysiek via EAN 1 loopt.
In de praktijk zijn er wel degelijk regionale verschillen in administratieve doorlooptijden. Enexis (actief in Noord- en Oost-Nederland) heeft een digitalere selfservice, maar biedt minder maatwerk bij complexe installaties op meerdere aansluitingen. Stedin (actief in Zuid-Holland, Utrecht en Zeeland) staat bekend om langere verwerkingstijden bij wijzigingen in productie-installaties. De meeste administratieve knelpunten melden zich in stedelijke postcoderegio’s in Zuid-Holland en Noord-Brabant, waar twee-onder-een-kapwoningen uit de jaren zeventig combineren met recent geplaatste panelen en verouderde meterkastopstellingen. Netbeheer Nederland publiceert geen regionale probleemstatistieken, maar dit patroon is herkenbaar in de sector.
Wat elke bewoner concreet moet opvragen bij zijn netbeheerder, is een “overzicht productie-aansluiting”: een document of schermoverzicht waarop staat welke EAN-code als producent is geregistreerd, wat het geregistreerde piekvermogen is, en of er een terugleveraantekening op het account staat. Combineer dat met een check in het portaal van de energieleverancier of er een actief teruglevercontract op de aansluiting staat. Doe dit vóór 1 januari 2027.
Wat is de financiële schade als bewoner B pas ná 2027 ontdekt dat hij nooit meeprofiteerde?
Naar schatting weet minder dan 30% van de betrokkenen exact op welke EAN-code hun installatie is geregistreerd. De veronderstelling dat beide bewoners automatisch meeprofiteren van panelen die “op het dak” liggen, is de meest voorkomende misvatting bij twee-onder-een-kapwoningen. Het financiële gevolg van een late ontdekking is concreet: stel dat bewoner B pas ná 1 januari 2027 constateert dat hij nooit heeft gesaldeerd. Over meerdere jaren heeft hij dan de volle inkoopprijs betaald voor stroom die bewoner A terugleverde voor €0,05/kWh. Het gemiste voordeel kan over drie tot vijf jaar oplopen tot €500–€1.500.
Dit is geen theoretisch scenario. Vergelijkbare situaties doen zich ook voor bij koppelwoningen; de salderingsregeling bij een koppelwoning kent exact dezelfde EAN-problematiek. Een bewoner van EAN 2 die nu nog denkt dat hij “ook saldeert”, doet er verstandig aan zijn netbeheerderportaal te raadplegen of zijn netbeheerder te bellen.
Vergelijking: situatie vóór en na 1 januari 2027
| Situatie | EAN 1 (omvormer) | EAN 2 (geen omvormer) |
|---|---|---|
| Vóór 1 jan 2027 | Saldeert 100% via leverancier | Geen salderingsrecht |
| Na 1 jan 2027 | Terugleververgoeding €0,04–0,09/kWh | Onveranderd, geen salderingsrecht |
| Inkoopprijs stroom | €0,28–0,32/kWh | €0,28–0,32/kWh |
| Waardelekkage per kWh teruglevering | €0,19–0,26/kWh (na 2027) | Niet van toepassing |
Welke technische aanpassingen verminderen de waardelekkage na 2027?
De meest effectieve ingreep is een slimme verdeelinrichting: een energiemanagementsysteem met CT-klemmen op beide groepen dat de zonnestroom dynamisch verdeelt. De aanpassingskosten liggen naar schatting tussen €800 en €2.200, afhankelijk van de complexiteit van de meterkast en het gekozen systeem (denk aan SolarEdge Home Control of een Fronius Smart Meter-setup). Installateurs adviseren dit wanneer de productie structureel hoger is dan het eigen verbruik van EAN 1 en bewoner B overdag thuis is met een substantieel verbruik.
De rekensom is helder: het prijsverschil tussen terugleveren (gemiddeld €0,05/kWh) en eigenverbruik (€0,30/kWh) bedraagt €0,25 per kWh. Als 1.000 kWh per jaar effectiever wordt benut via een verdeelinrichting, levert dat €250 per jaar op. Bij installatiekosten van €800 is de terugverdientijd ruim drie jaar; bij €2.200 loopt dat op naar bijna negen jaar. Vóór 2030 haalbaar in het gunstige scenario, mits de installatie correct wordt ingeregeld door een erkend installateur.
Een alternatief voor een verdeelinrichting is een thuisbatterij. Maar ook hier geldt de EAN-logica onverkort: één gedeelde batterij van 10 kWh is alleen zinvol als beide aansluitingen intern zijn gekoppeld. Bij gescheiden EAN-codes zijn twee batterijen van elk 5 kWh realistischer, al zijn die in totaal duurder: naar schatting €5.000–€8.000 samen, versus €4.000–€6.500 voor één systeem van 10 kWh. De terugverdientijd per batterij ligt naar schatting op 8–14 jaar, bij 1.500 kWh extra eigenverbruik per aansluiting per jaar en een waardevoordeel van €0,25/kWh. Er is geen ISDE-subsidie voor thuisbatterijen voor particulieren, bevestigt de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO). Meer achtergrond over de thuisbatterij als strategie leest u in ons overzicht thuisbatterij vergelijken bij salderingsafbouw.
Loont het om beide aansluitingen bij dezelfde leverancier onder te brengen vóór 2027?
Fiscaal biedt samenvoegen bij één leverancier geen direct voordeel: de saldering werkt per EAN-code, niet per leverancier. Contractueel kan het wel slim zijn. Eneco en Vattenfall bieden in 2025–2026 combinatiepakketten aan waarbij productie en afname op hetzelfde account staan; Greenchoice en Budget Energie zijn minder actief op dit vlak. Sommige leveranciers hanteren hogere teruglevertarieven voor klanten die ook hun afname bij hen hebben.
Het nadeel van samenvoegen: u verliest de flexibiliteit om per aansluiting de goedkoopste aanbieder te kiezen. Bij dynamische contracten kan dat per jaar honderden euro’s schelen. Vergelijk teruglevertarieven dan ook kritisch op basis van de cijfers, niet op basis van administratief gemak. Hoe u dat vergelijkt, staat uitgelegd in ons artikel over de terugleververgoeding berekenen na 2027.
Wat moet u regelen als een van de bewoners de woning verkoopt?
Bij verkoop gaan zonnepanelen die op het dak zijn gemonteerd juridisch automatisch mee als onderdeel van de onroerende zaak, tenzij contractueel anders vastgelegd. De EAN-code blijft gekoppeld aan het adres; de nieuwe eigenaar neemt die over. De registratie van de productie-installatie bij de netbeheerder moet echter expliciet worden bijgewerkt. Verkopers vergeten deze administratieve stap regelmatig, met gevolgen: als de documentatie ontbreekt — geen keuringsrapport, geen duidelijkheid over welke EAN de productie draagt — kunnen kopers dit aanvoeren in de onderhandelingen. Onduidelijke documentatie kost verkopers naar schatting €1.000–€5.000 in onderhandelingsruimte, soms meer bij grotere installaties.
Zorg vóór verkoop voor een actueel technisch dossier en vraag bij uw netbeheerder een overzicht op van de geregistreerde productie-aansluiting. Meer over de overdracht van zonnepanelen bij woningverkoop staat in ons artikel zonnepanelen verkopen huis salderingsregeling 2027.
Onze analyse: wat de cijfers werkelijk betekenen voor twee buren met gescheiden meters
Onze analyse: de combinatie van twee EAN-codes, één omvormer en twee verschillende leveranciers creëert een situatie waarin één bewoner structureel subsidieert. Stel: EAN 1 produceert 4.000 kWh per jaar en verbruikt er zelf 2.000 kWh. De overige 2.000 kWh gaat terug naar het net. Vóór 2027 saldeert EAN 1 die 2.000 kWh volledig en bespaart daarmee 2.000 × €0,30 = €600. Bewoner B betaalt ondertussen gewoon de inkoopprijs, terwijl de zonnestroom van het gedeelde dak langs zijn meter gaat. Na 1 januari 2027 ontvangt EAN 1 voor diezelfde 2.000 kWh slechts 2.000 × €0,05 = €100. Het verschil, €500 per jaar, verdwijnt. Bewoner B profiteert daar ook niet van: hij betaalt dezelfde inkoopprijs als altijd. Een slimme verdeelinrichting van €1.500 die 1.000 kWh van die teruglevering omleidt naar EAN 2, levert samen €250/jaar voordeel op en verdient zichzelf terug in zes jaar. Dat is concreet beter dan de situatie waarbij €500 jaarlijks structureel weglekt.
Volgens Milieu Centraal bedraagt het gemiddelde elektriciteitsverbruik van een twee-onder-een-kapwoning circa 3.200–3.800 kWh per jaar per helft; dit geeft een realistische maatstaf voor de schaal van het probleem.
Samengevat: bij twee aparte EAN-codes op één twee-onder-een-kapwoning profiteert uitsluitend de aansluiting met de omvormer van saldering; na 1 januari 2027 daalt de waarde van die teruglevering van de volledige afnameprijs naar €0,04–0,09/kWh, wat bij 2.000 kWh teruglevering een jaarlijks verlies van €400–€500 betekent ten opzichte van de situatie vóór 2027.
Conclusie en aanbevelingen
De salderingsregeling stopt op 1 januari 2027 volledig, en voor eigenaren van een twee-onder-een-kapwoning met gescheiden EAN-codes is de urgentie groot. Controleer nu via uw netbeheerderportaal welke EAN-code als producent staat geregistreerd. Vraag een “overzicht productie-aansluiting” op als dat niet duidelijk is. Vergelijk de teruglevertarieven van uw huidige leverancier actief met alternatieven: een verschil van €0,02/kWh is bij 2.000 kWh teruglevering €40 per jaar. Laat een erkend installateur beoordelen of een slimme verdeelinrichting in uw situatie haalbaar en rendabel is. En als u binnenkort verkoopt: zorg voor een compleet technisch dossier vóórdat u de woning op de markt brengt.
Meer verdieping vindt u in onze artikelen over de salderingsregeling met meerdere aansluitingen en over het algemene beeld van de salderingsregeling twee-onder-één-kap 2027.
Veelgestelde vragen
Welke EAN-code saldeert als de zonnepanelen op een gedeeld dak staan maar slechts één aansluiting heeft?
Uitsluitend de EAN-code waarop de omvormer fysiek is aangesloten saldeert; de andere aansluiting heeft geen salderingsrecht, ongeacht de energieleverancier of de gedeelde daklocatie van de panelen.
Stopt de salderingsregeling geleidelijk of in één keer op 1 januari 2027?
De salderingsregeling stopt volledig en in één keer op 1 januari 2027, vastgelegd in de Wet beëindiging salderingsregeling (Eerste Kamer, 17 december 2024); er is geen stapsgewijze afbouw of jaarlijkse verlaging van percentages.
Hoeveel terugleververgoeding ontvangen bewoners bij Vattenfall of Greenchoice na 2027?
In 2025–2026 liggen de teruglevertarieven bij grote leveranciers zoals Vattenfall, Eneco en Greenchoice tussen €0,04 en €0,09 per kWh; Vattenfall hanteert soms €0,05/kWh op vaste contracten terwijl Greenchoice op hetzelfde moment €0,07/kWh kan vergoeden, afhankelijk van het contracttype.
Wat kost een slimme verdeelinrichting voor een twee-onder-een-kapwoning met twee EAN-codes?
Een energiemanagementsysteem met CT-klemmen (zoals SolarEdge Home Control of Fronius Smart Meter-setup) kost naar schatting €800–€2.200 inclusief installatie, met een terugverdientijd van 3–9 jaar bij 1.000 kWh extra eigenverbruik per jaar.
Wat moet ik opvragen bij de netbeheerder om zeker te zijn dat mijn installatie na 2027 correct is geregistreerd?
Vraag een “overzicht productie-aansluiting” op bij uw netbeheerder (Enexis, Stedin, Liander of Westland Infra): dit overzicht toont welke EAN-code als producent staat geregistreerd, het geregistreerde piekvermogen, en of er een terugleveraantekening op het account staat.
Hoeveel financiële schade lijdt bewoner B als hij pas na 1 januari 2027 ontdekt dat hij nooit heeft gesaldeerd?
Het gemiste voordeel kan over meerdere jaren oplopen tot €500–€1.500, doordat bewoner B jarenlang de volle inkoopprijs heeft betaald voor stroom die bewoner A terugleverde voor €0,05/kWh in plaats van die stroom intern te benutten.
Wat zijn de financiële gevolgen voor de verkoopprijs als de salderingssituatie onduidelijk is gedocumenteerd?
Onduidelijke documentatie van de productie-installatie bij verkoop levert verkopers naar schatting €1.000–€5.000 minder onderhandelingsruimte op; zorg daarom voor een actueel technisch dossier en een bijgewerkte registratie bij de netbeheerder vóór de woning op de markt gaat.
Redactie
GeverifieerdOnafhankelijk redactieteam
2 jaar ervaring · sinds 2024 bij ons